2. Construeren
2.1 Vastlegging van toetsafspraken
De stagehandleiding vormt het centrale document waarin alle toetsafspraken voor de stage binnen de opleiding Ad Leisure & Events Management zijn vastgelegd. Hierin staat beschreven wat er van studenten wordt verwacht gedurende de stageperiode.
Studenten dienen onder andere te beschikken over een goedgekeurde stageplaats, vooraf leerdoelen te formuleren en deel te nemen aan drie verplichte bijeenkomsten. Tijdens de stage verzamelen zij bewijsstukken die gekoppeld zijn aan de relevante programmaleeruitkomsten.
De leeruitkomsten die centraal staan, zijn direct verbonden met handelingen uit de beroepspraktijk Binnen PLU III (Conceptontwikkeling) gaat het om het bijdragen aan een betekenisvolle Leisure beleving. PLU V (Produceren) richt zich op het uitvoeren van werkzaamheden binnen een projectmatige context. Daarnaast worden studenten beoordeeld op PLU II (Verbinden in netwerken) en PLU VI (Professioneel vakmanschap), waarbij samenwerken, professioneel handelen en reflecteren op eigen handelen een belangrijke rol spelen.
Overzicht toetsing Ad eindniveau:
| PLU | Toetsing eindniveau NLQF niveau 5 |
|---|---|
| I | Ad-eindassessment |
| II | Afronding tijdens eindpresentatie stage |
| III | Ad-eindassessment |
| IV | Ad-eindassessment |
| V | Ad-eindassessment |
| VI | Ad-eindassessment |
De toetsing van de stage bestaat uit meerdere onderdelen die samen het eindresultaat vormen:
- Positieve beoordeling, middels rubric , op eindpresentatie icm stage-afrondingsgesprek
- Urenregistratie (320 uur)
- Bewijsstukken gekoppeld aan de PLU’s
- Logboek
- STARR-reflecties
De beoordeling wordt uitgevoerd door zowel de praktijkbegeleider als de stagecoach vanuit de opleiding, zodat meerdere perspectieven worden meegenomen. Waarin de praktijkbegeleider in de adviserende rol functioneert en de stagecoach de examinator is.
2.2 Toetsconstructie
De stage is opgezet als een authentieke beroepssituatie, hierdoor ligt fraudegevoeligheid laag, waarin studenten binnen een professionele organisatie hun competenties aantonen via concrete werkzaamheden, het verzamelen van bewijs en gestructureerde reflectie. Dit sluit aan bij het uitgangspunt van de Associate degree, waarin praktijkgericht leren centraal staat.
De toetsconstructie is gebaseerd op meerdere informatiebronnen, zoals het logboek, reflecties, bewijsstukken uit de beroepspraktijk, observaties en de eindpresentatie. Samen vormen deze een brede basis voor de beoordeling. Dit versterkt de validiteit, omdat niet één moment, maar het functioneren en de ontwikkeling over een langere periode worden beoordeeld.
De beoordeling sluit aan bij verschillende niveaus van de Taxonomie van Bloom. In eerdere fasen tijdens de studie ligt de nadruk op kennis en begrip (onthouden en begrijpen). Tijdens de stage verschuift dit naar hogere niveaus:
- Studenten passen kennis en concepten toe in de praktijk (toepassen)
- Zij analyseren beroepssituaties, reflecteren op hun handelen en onderbouwen keuzes (analyseren)
- In sommige gevallen evalueren zij hun bijdrage en sturen zij hun handelen bij op basis van feedback (evalueren)
Bovenstaande is tevens te koppelen aan het ZelCom-model. Middels de stage worden studenten meer (individidueel) uitgedaagd, wat wijst op een niveauverandering qua complexiteit. Daarnaast zal de zelfstandigheid ontwikkelen, aangezien studenten zelf verantwoordelijk zijn binnen de praktijksituatie en de verantwoording naar de studie.
De ontwikkelingen binnen de stageperiode dragen er ook aan bij dat er een niveau verschuiving zou kunnen plaats vinden.
De stagehandleiding fungeert als centraal document voor studenten en stagebegeleiders. Hierin zijn onder meer contracten, rubrics en deadlines opgenomen, waardoor vooraf duidelijk is welke formele eisen gelden. De rubric wordt vooraf gedeeld, wat de transparantie over beoordelingscriteria en de koppeling met de PLU’s vergroot. De eindpresentatie is een verplicht onderdeel van de afronding. Studenten krijgen ruimte om hun eigen presentatievorm te kiezen. Na afloop levert de student alle bewijsstukken in via Blackboard, waarna de beoordeling plaatsvindt door de examinator, inclusief kalibratie met andere examinatoren, wat bijdraagt aan de betrouwbaarheid van de toetsvorm. Bij een positieve afronding levert de stage 12 EC op, gebaseerd op 320 uur stage en 16 uur aan presentatie en terugkommomenten.
Vanuit efficiëntieperspectief is de toets doelmatig ingericht. De stage en eindpresentaties vinden plaats in de beroepspraktijk, waardoor de belasting voor docenten beperkt blijft. Daarnaast worden terugkomdagen en bedrijfsbezoeken gestructureerd ingezet en wordt de bewijslast achteraf individueel beoordeeld. De eindpresentatie vindt plaats op de stageplek in aanwezigheid van de praktijkbegeleider. Hierdoor sluit de afronding direct aan op de beroepscontext waarin de student heeft gefunctioneerd en wordt de stage in die situatie individueel afgesloten.
Maak jouw eigen website met JouwWeb